U bent hier

‘Voor veel Joden is Bevrijdingsdag geen feestdag, maar een herdenkingsdag’

Op 4 mei herdenken we de oorlogsslachtoffers en op 5 mei is het Bevrijdingsdag, de dag waarop Nederland het einde van de Tweede Wereldoorlog herdenkt en viert. Veel Groningers hangen de vlag uit en vieren feest, maar voor de Joodse gemeenschap in Groningen voelt Bevrijdingsdag niet als een dag van bevrijding.

“Na 5 mei 1945 was de ellende voor de Joodse gemeenschap nog niet voorbij. Ze kregen te maken met de gevolgen van de oorlog. Voor de meeste Joden is het daarom geen feestdag, maar een herdenkingsdag”, vertelt Marcel Wichgers van Stichting Folkingestraat Synagoge.

Geen huis meer
De gevolgen van de oorlog waren voor de Joodse gemeenschap groot. De Joden die terugkwamen in Groningen vanuit onderduikadressen of concentratiekampen waren getraumatiseerd. Ook waren tijdens de bezetting veel huizen van Joodse inwoners onteigend en verkocht, waardoor veel Joden geen huis meer hadden.

Trauma
“Jaren van angst, gruweldaden en het verlies van vele vrienden en familieleden: in de periode na de oorlog kampten veel Joden met een trauma”, legt Marcel uit. Voor de Joodse gemeenschap was het ook heel moeilijk om dit trauma te verwerken, dat komt mede doordat er geen of weinig aandacht aan werd geschonken.

Geen onderscheid
“Na de oorlog werd iedere Nederlander gezien als slachtoffer, of je nou Joods, homo, zigeuner of niet-Joods was. Er werd niet gesproken over de groepen die meer of minder hadden geleden, iedereen had evenveel geleden. Dat was het idee. Omdat het anders weer tot verdeeldheid zou kunnen leiden.”

Vergeten
Voor veel Joden was dat op dat moment ook goed, ze wilden de oorlog zo snel mogelijk vergeten en kijken naar de toekomst. Pas jaren later werd er specifiek aandacht gegeven aan de Holocaust en de Joodse slachtoffers die hierbij zijn gevallen. “Er kwamen steeds meer monumenten en herdenkingsplekken in Groningen, zoals bijvoorbeeld de Stolpersteinen en kunst in de Folkingestraat.”

Folkingestraat
De Folkingestraat was namelijk een belangrijke plek voor de Joodse gemeenschap in Groningen. “Voor de oorlog had Groningen een Joodse Buurt. De Folkingestraat was, mede door de synagoge, het middelpunt van de wijk. In deze wijk woonden en werkten voor de oorlog veel Joden.”

Joodse Buurt
In de Folkingestraat herinneren sommige gevels, winkels en monumenten nog aan die tijd. Aan het begin van de winkelstraat zit bijvoorbeeld een bronzen deur in de muur. “Achter deze deur ligt de geschiedenis van de Folkingestraat. De deur kan niet open, want er zit geen deurklink op. Je kunt het op verschillende manieren interpreteren”, legt Marcel uit. “Als een geschiedenis die niet meer naverteld kan worden door de mensen die er ooit woonden, maar ook dat dit voor veel Joodse mensen een geschiedenis is waar ze niet aan herinnerd willen worden.”

 

Weggehaald
Dat kenmerkt volgens Marcel de manier waarop de Joodse inwoners de oorlog hebben ervaren. “Je zult een Jood ook nooit horen praten over moord, deportatie of concentratiekampen. Ze spreken over ‘weggehaald’, omdat de andere woorden te confronterend zijn.”

Stolpersteine
Vandaar dat even verderop in de Folkingestraat, het woord ‘weggehaald’ op de gevel staat geschreven. Dit refereert naar de Joodse mensen die uit hun huizen zijn gehaald. “Door heel Groningen vind je stolpersteine. Deze herdenkingstenen liggen voor huizen in Groningen waar ooit Joden hebben gewoond en zijn weggehaald”, legt Marcel uit.

Nooit vergeten
Door heel de Stad liggen 417 Stolpersteine, maar in de Folkingestraat zelf liggen er maar een paar. Hoe kan dat? “Ook dit geeft aan dat de Joden zelf niet het initiatief namen om actief monumenten aan te vragen. Omdat dit te confronterend was. Al zie je dat er nu steeds meer Stolpersteine bijkomen, dat wordt ook gewaardeerd door de Joodse gemeenschap. Op 2 mei zijn er nog 38 Stolpersteine onthuld voor het voormalige Joodse verzorgingstehuis. Opdat wij nooit vergeten wat er is gebeurd”, besluit Marcel.