U bent hier

IJsmeester Jan Schuur bewaart geen geheimen over Kardinge

De ijsmeester op de dweilmachine

Als het kille najaar valt, krijgen de schaatsliefhebbers het warm van binnen. En zeker de ijsmeesters. Ook ijsmeester Jan Schuur van sportcentrum Kardinge kijkt uit naar de opening van de 400 meterbaan op zaterdag 10 oktober.

Aan het eind van de zomer beginnen Jan en zijn collega’s met het stofvrij maken en schoonmaken van de baan. Ook schroeven ze de boarding vast. Om het ijs de karakteristieke witte glans te geven, verfden Jan en zijn collega’s afgelopen week de baan. Begin oktober begint het pas écht te kriebelen bij de ijsmeester. “Dan brengen we samen met twee gespecialiseerde Duitsers de belijning en startstrepen aan. Zij geven een certificaat waardoor de baan voldoet aan eisen van de International Skating Union bij records. De hele volgende week strooien we met onze Ice Baer/Olympia laagje voor laagje water op de betonvloer. Net als een boer met een giertank. We brengen het ijs dan op een dikte van drie tot vier centimeter.”

Buizenstelsel

Het water bevriest door een buizenstelsel onder de betonvloer dat verbonden is met de vriesmachines. Een soort omgekeerde vloerverwarming. Bij het afkoelen van de betonvloer en het verven stuitten de ijsmeester en zijn medewerkers op het vochtige weer buiten. Het temperatuurverschil tussen die lucht boven het dunne dak en de vloer zorgt voor naar beneden druipende druppels en condens. Daardoor ligt de baan bezaaid met honderden bultjes die in een dag groeien tot wel 8 centimeter. “We beginnen in het start van het seizoen ’s morgens een uur eerder om die bultjes weg te kappen of te frezen. Als je een bult over het hoofd ziet, trekt de ijsmachine anders gaten in het ijs, waardoor scheuren en daardoor gevaarlijke situaties voor de schaatser ontstaan.”

Heerenveen

“Dat komt door pure luchtvochtigheid, wij hebben geen luchtbehandelingssysteem”, weet Jan die zijn hoop vestigt op een mogelijke toekomstige verbouwing. “Kardinge is niet meer van deze tijd. Het blijft jammer dat sommige mensen denken dat het hier zoals in Heerenveen moet zijn. Maar ze hebben daar een geïsoleerde hal met een luchtbehandelingssysteem. In Thialf kunnen ze elke 100 meter ijs aanpassen in temperatuur. Het publiek zit er in T-shirt rondom de baan en de akoestiek is er geweldig en veel beter dan in onze blikken hal, totaal niet vergelijkbaar.”

Ideale weersomstandigheden

Maar ook in Kardinge kan het goed toeven zijn. “Toen ik net begon als ijsmeester in de winter van 2018-2019 hadden we ideale weersomstandigheden, daar zijn we afhankelijk van. Jong en oud reed toen het ene na het andere record. Het ijs is mooi bij een hoge luchtdruk, een buitentemperatuur van +8 graden en een mooi briesje die als een föhn het dak droogt.”

Mystiek

Het vak van ijsmeester is omgeven met een zweem van schimmige mystiek. Liever geven ze hun bereidingswijze niet prijs. “Het heeft een donkere kant”, beaamt Jan. “Zelf ben ik niet zo. Als ik een verbetering ontdek, wil ik die kennis graag met anderen delen.” Over zijn ‘geheim’ voor goed ijs: “We dweilen met onthard kalkvrij water, daar hebben we een installatie voor. Een andere installatie zuivert het water en haalt alle vuile deeltjes eruit. Als je dat water aanbrengt, zie je dat het ijs er steeds mooier uit gaat zien en een olieachtige kleur krijgt.”

Contact

“Zeker bij belangrijke kampioenschappen moet je ijs leren lezen. Dan proberen we de ijsdikte terug te brengen tot 2 centimeter. Hoe dunner het ijs, hoe sneller het reageert op je vriesinstallatie. Dat vereist een nauwe afstelling van de vriesmachines. “Net zoals je met blote voeten in de schaatsen gaat om contact te krijgen met het ijs, heb ik dan meer contact met de machine.”

Hard ijs

Het tekent de gedrevenheid van de ijsmeester die ook een duidelijke mening heeft over hard of zacht ijs. “Bij een zachte bovenlaag krijg je met meer weerstand te maken, maar heb je wel meer grip in de bochten. Hard ijs van -7.5 tot -8 graden glijdt veel beter. Al hebben recreanten het liever stroever. Dan hebben ze meer grip, ze zeggen dan dat je voor hen niet hoeft te dweilen. Na een tochtje in eerdere winters op natuurijs, gooien ze hun schaatsen vaak op zolder neer. Dan komen ze met stompe schaatsen deze kant op. Daarmee liggen ze na de eerste twee passen op hun snufferd. Je hebt scherp geslepen schaatsen nodig, als je op kunstijs gaat schaatsen.”

Passie

Wat moet je goed kunnen als ijsmeester? Jan denkt lang na. “Ik denk dat er een beetje passie bij moet zitten. Ik heb vroeger zelf in de Drentse selectie geschaatst, dat is een voordeel. Verder moet je luisteren naar de klant en nadenken voor je iets doet met de baan.” Oud-coach Henk Gemser zei ooit dat een schaatser in gesprek moest komen met het ijs. Dat geldt eigenlijk ook voor een ijsmeester.

Voorganger

Jan volgde in 2018 zijn illustere voorganger Ge Beetsma op die de dweil zwaaide sinds 1980. “Het blijkt wel dat elke ijsmeester zijn eigen methode heeft.” Jan voerde wat veranderingen door op het gebied van logistiek en schoonmaak. Waar Ge bekende dat hij humeurig werd als het niet lukte het perfecte ijs te creëren, blijft Jan uiterlijk rustig. “Het enige waar ik in de stress van schiet is als dingen op het laatste moment nog moeten gebeuren zoals het aanbrengen van sensoren in het ijs en de elektronica rondom de baan.”

Corona

Vanzelfsprekend baart corona hem wel zorgen. Wie wil schaatsen moet van tevoren reserveren en er kunnen maximaal 300 mensen tegelijk op de 400 meter baan en de ijshockeyhal samen. “Op 14 maart moesten we door corona abrupt stoppen. Nu zijn we afwachtend over hoelang de baan open kan blijven. De vraag is ook of het publiek niet angstig wordt. ’s Ochtends schaatsen hier vooral 65-plussers, dat is toch een kwetsbare groep. Ik denk dat er een halvering komt van hun toestroom.”

Jeugd

Jan hoopt vooral dat de jeugd weer wat vaker de weg naar de ijsbaan weet te vinden. “Ze bewegen minder door alle schermpjes waar ze de hele dag op kijken. Ook gebrek aan natuurijs speelt mee. Je merkt wel dat er in de kerstvakantie vaak veel mensen komen. Sommigen vinden het dan zó leuk dat ze daarna blijven terugkomen of zich aanmelden bij een schaatscursus.”