1. Kan ik subsidie krijgen?
Het antwoord op deze vraag is niet één, twee, drie te geven. U kunt in bepaalde gevallen financiële ondersteuning krijgen. Dit is onder andere afhankelijk van:
a. soort werkzaamheden;
b. categorie monument;
c. type eigenaar;
d. soort subsidieregeling;
Wilt u weten of u voor subsidie in aanmerking kunt komen? Dan kunt u contact opnemen met de afdeling Wonen en Monumenten. U krijgt in ieder geval geen subsidie als u al met de werkzaamheden bent begonnen.
2. Waar vraag ik subsidie aan?
De gemeente is primair het loket voor al uw monumentenzaken. Dus ook voor aanvragen op het gebied van geldelijke steun/subsidies. Maar voor de fiscale aftrek van de onderhoudskosten kunt u het beste contact opnemen met het bureau Monumentenpanden van de Belastingdienst. Het aanvragen van instandhoudingsubsidie (BRIM) dient u bij de Rijksdienst Cultureel Erfgoed (RCE) te doen.
3. Gelden fiscale aftrekmogelijkheden bij monumenten voor iedereen?
Nee. Fiscale aftrek van onderhoudskosten geldt alleen voor belastingplichtige eigenaren van rijksmonumenten. En er geldt een drempel. Wanneer u meer wilt weten, kunt u het beste contact opnemen met het bureau Monumentenpanden van de Belastingdienst.
4. Ik wil de kunststof kozijnen vervangen door de oorspronkelijke kozijnen. Kan ik hiervoor subsidie krijgen?
U maakt een goede kans. Wilt u meer weten over de mogelijkheden, dan kunt u het beste contact opnemen met de afdeling Wonen en Monumenten. U heeft in ieder geval een bouw- en monumentenvergunning nodig voor deze wijziging.
5. Hoeveel tijd zit ertussen de subsidieaanvraag en de subsidie beschikking?
Dit is geheel afhankelijk van het soort subsidieaanvraag. In het algemeen heeft de gemeente een wettelijke termijn van 8 weken om een besluit te nemen over ingediende subsidieaanvragen. Deze termijn kan met 6 weken verlengd worden.
6. Wanneer wordt de subsidie bijdrage uitbetaald?
Na uitvoering en gereedmelding van de te subsidiëren werkzaamheden. Dient u de financiële verantwoording met rekeningen en betaalbewijzen naar de restauratiedeskundige van de afdeling Wonen en Monumenten van de gemeente Groningen toe te sturen. Na goedkeuring hiervan wordt het bedrag aan u overgemaakt.
7. Wat is het NRF? Wat doet het NRF?
Het Nationaal Restauratiefonds biedt eigenaren en beheerders van monumenten financiële ondersteuning bij het restaureren en onderhouden van rijksmonumenten. Zij ontwikkelen en verstrekken financieringen en bieden financiële diensten, ook aan overheden. Waar mogelijk verstrekken zij leningen uit een Revolving Fund.
Zij willen eigenaren en beheerders van monumenten alle denkbare steun bieden bij het restaureren en onderhouden van hun pand. Zonder winstoogmerk en op creatieve en ondernemende wijze. Denk hierbij aan:
a. Het ontwikkelen en verstrekken van laagdrempelige financieringen;
b. Het aanbieden van financiële en administratieve diensten;
c. Het geven van voorlichting, advies en begeleiding bij alle financiële en procesmatige aspecten van een restauratie;
d. Het bepleiten van meer beleidsmatige aandacht en meer geld voor het behoud van cultuurhistorisch erfgoed bij overheden.
8. Wat zijn subsidiabele kosten?
Subsidiabele restauratiekosten zijn de kosten die moeten worden gemaakt om de onderdelen van een beschermd monument, die monumentale waarde bezitten, op sobere en doelmatige wijze te herstellen, of te conserveren. Subsidiabele kosten vormen meestal een deel van de restauratiekosten met name (groot) onderhoud en eventueel reconstructie. Subsidie is een percentage van de subsidiabele kosten.
9. Hoe kom ik erachter wat de originele staat is van mijn monument?
Als u in het verleden van uw monument wilt duiken kunt u bijvoorbeeld op zoek gaan naar oude bouwtekeningen van het pand. Als het een erg oud huis betreft zullen tekeningen van de oorspronkelijke situatie waarschijnlijk niet (meer) bestaan. Bij de dienst RO/EZ zijn bouwtekeningen gearchiveerd (dossierinzage) van de laatste 50 tot 80 jaar. Als het monument uit deze periode dateert is de kans groot dat de oorspronkelijke situatie van het pand via tekeningen is terug te vinden. Meestal betreft het dan gevelaanzichten en plattegronden. Als het een ouder pand betreft, zijn er soms nog tekeningen terug te vinden in het gemeentearchief (De Groninger Archieven). De Groninger Archieven beschikken ook over een uitgebreide fotocollectie gerangschikt op straatnaam. Oude foto’s kunnen helpen een goed beeld te krijgen van de oorspronkelijke staat van het huis. Tenslotte kan bouwhistorisch onderzoek aan het pand zelf, informatie over de geschiedenis van het pand opleveren.
10. Waar kan ik oude (bouw)materialen kopen?
De stichting Monument en Materiaal in Groningen heeft een grote voorraad oude bouwmaterialen afkomstig van sloop en verbouwing: deuren, glas-in-lood, sanitair, deurkrukken, rozetten, vensterbanken e.d. De onderdelen worden zo goed mogelijk gerestaureerd en zijn voor particulieren en bedrijven tegen een redelijke vergoeding beschikbaar. Mits het een letterlijk en figuurlijk passende bestemming krijgt.
Ook de Provinciale Groningse Oudheidkundige Commissie heeft een voorraad oude bouwmaterialen die wachten op een passende bestemming. Daarnaast zijn er bedrijven waaronder diverse sloopbedrijven op dit gebied. Gemeente en Stichting Monument en Materiaal (050 – 3146246) kunnen u verder helpen.
11. Waar vind ik meer informatie over de geschiedenis mijn monument?
Bij de Groninger Archieven, in boeken en bij de gemeente. Bij de gemeente liggen niet alleen bouwdossiers ter inzage met bouwtekeningen, gegevens over de (laatste) wijzigingen aan uw pand, maar vindt u ook de redengevende omschrijving van uw pand. Daarnaast kan een bouwhistorische verkenning aanwezig zijn. Op de Cultuurwaarden kaart op deze site kunt u door de historische kaarten onder de actuele plattegrond van de stad te bekijken, zien wanneer ergens bebouwing is ontstaan.
12. Kan ik mijn pand tot beschermd monument voordragen?
In principe kan iedereen een verzoek indienen om een pand voor te dragen tot monument bij het betreffende bevoegd gezag: voor rijksmonumenten bij de minister en voor gemeentelijke monumenten bij Burgemeester en Wethouders. De procedure staat beschreven in de Monumentenwet 1988 en de Gemeentelijke monumentenverordening.
13. Hoe kom ik erachter wat de oorspronkelijke kleuren op mijn monument zijn?
U kunt zelf met een schuurpapiertje aan de gang. Door met ronddraaiende bewegingen de verflagen tot op het blanke hout weg te schuren ontstaat een zgn. pauwenoog en wordt een kleurentrap zichtbaar. Belangrijk is deze stofvrij en enigszins vochtig te maken. Desalniettemin is voorzichtigheid geboden bij het trekken van conclusies uit de blootgelegde kleurentrap. Een kleurendeskundige kan u voor een verkeerde interpretatie behoeden.

