Lesaanbod
Wilt u een aantrekkelijk natuureducatief jaarprogramma samenstellen? De seizoenskalender kan u helpen. Scholen die alleen tuinieren kunnen hun keuze uitbreiden. Maakt u nog geen gebruik van ons aanbod? Kijk dan wat er in elk seizoen mogelijk is. In overleg kunt u ook een ochtend- of middagarrangement samenstellen. Neem contact op met NDE of rechtstreeks met de kinderwerktuin in uw buurt!
Lente
Start wekelijks tuinieren (bb, tot half oktober, alle tuinen)
Kennismaken met de tuin (ob, Beijum en Helpman)
Zaaien en kiemen (bb, alle tuinen)
Lentewandeling (ob, alle tuinen)
Jonge vogels (ob, alle tuinen)
Handjes in de grond (ob, alle tuinen, minimaal 3 lessen met wisselende thema’s)
Keukenkruiden (mb, alle tuinen)
Zaaien en kiemen (mb, alle tuinen)
Bezoek imker/bijenstal (mb, Beijum)
Zomer
Wekelijks tuinieren (bb, alle tuinen)
Snuf het Konijn (ob, Helpman en Beijum)
Vlinders (ob, alle tuinen)
Vliegende insecten (mb, alle tuinen)
Granen (mb en bb, Helpman en Paddepoel)
Bloembouw en bestuiving (bb, alle tuinen)
Sociale en/of solitaire bijen (bb, alle tuinen)
Leven in zoet water (bb, alle tuinen)
Onderwaterpad (bb, op locatie bij Hoornse Plas, opgeven voor eind mei!)
Herfst
Wekelijks tuinieren (bb, alle tuinen)
Slakken (ob, alle tuinen)
Paddenstoelen en schimmels (mb, alle tuinen)
Kringlopen, compost en bodemleven (bb, alle tuinen)
Granen (mb en bb, Beijum)
Voeding (bb, Beijum, eventueel met duurzame lunch)
Sociale en/of solitaire bijen (bb, Beijum)
Speciaal voor dierendag: geitenles (ob, Paddepoel)
Winter
Vogels in de winter (mb, alle tuinen)
Grond en bodem (mb, alle tuinen)
Braakballen pluizen (bb, Helpman of op school)
Verkenning in Duurzaamheid (bb, Paddepoel)
Dieren in de winter (mb, bezoekerscentrum)
Alle seizoenen:
Cora Konijn (ob, programma op de kinderboerderij)
Bas Gans (ob, programma op de kinderboerderij)
Egelles (ob, bezoekerscentrum)
Red de Bat, een vleermuisles (mb en bb, bezoekerscentrum)
De Speurdeus (mb, ontdekkingstocht door het bezoekerscentrum)
Het Geheim van de Onlanden (bb, wandel- en fietstocht door natuurgebied bij Roderwolde)
Beleef het Bevrijdingsbos (bb, wandeltocht door het Bevrijdingsbos in Lewenborg)
Lessets en lesmateriaal te leen over allerlei onderwerpen
In ontwikkeling:
Kringloopeducatie, bb, najaar 2011
Boerderijeducatie, bb, voorjaar 2012
Wegwijs in Water, bb BO en ob VO
KENNISMAKING MET DE TUIN
Doel: nieuwsgierigheid en enthousiasme opwekken voor de tuin. Kinderen maken kennis met de tuin en tuingereedschappen.
Inhoud: Voor groep 1 staat een kruiwagen klaar met materialen en opdrachten, die per seizoen kunnen wisselen. Het bezoek is een eerste kennismaking met de tuin en bedoeld om de kinderen enthousiast en nieuwsgierig te maken. Het is mogelijk een inleiding van een educatief medewerker te krijgen.
LENTEWANDELING
Doel: De kinderen maken op open en onbevangen wijze kennis met de tuin in het voorjaar.
Inhoud: Kinderen gaan op ontdekkingstocht door de tuin onder begeleiding van een educatief medewerker. Zij zien, horen, ruiken en voelen allerlei voorjaarselementen en -planten met behulp van o.a. vergrootglazen. In de tocht wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de ervaringen en indrukken van de kinderen.
Bijzonderheden: Bij voldoende educatieve medewerkers wordt de groep in tweeën verdeeld.
JONGE VOGELS
Doel: De kinderen ervaren de kwetsbaarheid van jonge vogels en verkennen aspecten uit hun leven. Hoe komen ze uit het ei, waar verblijven ze, wie zorgt er voor ze en hoe?
Inhoud: Na een inleiding maken kinderen verschillende opdrachten met onderwerpen als: communicatie en geluiden, nestmateriaal, voedsel, eieren, schutkleur en verschillen en overeenkomsten tussen jonge vogels en kinderen.
Bijzonderheden: De klas van te voren indelen in groepen van 5 leerlingen
SNUF HET KONIJN
Doel: Kinderen maken kennis met de kenmerken en leefwijze van een konijn, de voeding, het uiterlijk, de leefomgeving, enz.
Inhoud: Tijdens het inleidend kringgesprek hupt er, indien mogelijk, een konijn in de kring. Daarna gaan kinderen in groepjes langs doe- en voelopdrachten, waarin onderwerpen aan bod komen als knaagsporen, pootafdrukken, keutels en voeding.
Bijzonderheden: De leerlingen van te voren indelen in groepjes van maximaal 5 kinderen.
ZAAIEN EN KIEMEN (MB)
Doel: Kinderen krijgen inzicht in eigenschappen en uiterlijk van zaden. Ze maken kennis met kwetsbare ontwikkelingsfases en groei door reservevoedsel. Ze kennen het verschil in groeiproces met grotere planten.
Inhoud: De les begint met ‘aanrommelen’, waarin kinderen zaden en kiemplanten vrij onderzoeken. Na een inleiding gaan ze in groepjes verschillende opdrachten doen over de fasen in de ontwikkeling van zaad tot plant.
HANDJES IN DE GROND
Doel: Kinderen ervaren de seizoenen en de invloed hiervan op het groeiproces. Ze leren voedselgewassen kennen en ervaren dat de tuin onderhoud nodig heeft.
Inhoud: Na een inleiding bewerken de kinderen de tuin met gereedschappen. Elk kind zaait eigen zonnebloemen. Gezamenlijk worden planten en bloemen gezaaid. In de tweede les meten ze hun bloem. Ze harken, wieden en geven de planten water. In de laatste les staat een gewas centraal.
Bijzonderheid: Tussen deze geplande lessen door zijn de groepen welkom om langs te komen. Ze kunnen zo het groeiproces beter volgen en de tuin vaker verzorgen.
KEUKENKRUIDEN
Doel: Kinderen leren eigenschappen van een aantal (keuken)kruiden kennen. Ze zien op welke manieren ze gebruikt kunnen worden en leren technieken om beter te ruiken.
Inhoud: Kruiden uit de top 10 van keukenkruiden worden in een carrouselles vergeleken op het gebied van uiterlijk, geur en smaak. Er wordt (zo mogelijk) verse kruidenthee gedronken en een kruidenboeket gemaakt dat mee naar huis kan.
VLIEGENDE INSECTEN
Doel: Kinderen leren op elkaar lijkende vliegende insecten van elkaar te onderscheiden, zoals hommels, wespen, solitaire bijen, honingbijen, zweefvliegen en sluipwespen. Kinderen verwonderen zich over de variëteit in gedrag en uiterlijk.
Inhoud: Kinderen kijken en luisteren aandachtig naar insecten en hun geluiden. Met behulp van zoekkaarten, papiliokijkers en geluidvangers gaan ze in groepjes op onderzoek uit in de tuin.
Bijzonderheden: In de kinderwerktuin Beijum wordt deze les gegeven in het plantenlabyrint, in bloeitijd een lust voor oog en oor. In alle tuinen worden hommelkasten en insectenhotels gebruikt als lesmateriaal.
KLEINE BEESTJES
Doel: kinderen leren ‘kriebelbeestjes’ kennen als spinnen, pissebedden, wormen en duizendpoten en ontdekken hun voorkeursplekjes. Zo leren ze de beestjes minder eng te vinden en meer te respecteren.
Inhoud: De kinderen gaan in groepjes op ontdekkingstocht. Ze rouleren langs verschillende stations met materialen en informatie over verschillende kriebeldieren.
Bijzonderheden: deze les kan desgewenst ook als onderdeel van ‘handen in de grond’ worden gegeven.
ZAAIEN EN KIEMEN (BB)
Doel: Kinderen inzicht in eigenschappen en uiterlijk van zaden te geven. Ze maken kennis met kwetsbare ontwikkelingsfases en groei door reservevoedsel. Ze kennen het verschil in groeiproces met grotere planten.
Inhoud: De les begint met ‘aanrommelen’, waarin kinderen zaden en kiemplanten vrij onderzoeken. Na een inleiding gaan ze in groepjes verschillende opdrachten doen over de fasen in de ontwikkeling van zaad tot plant.
BIJENBEZOEK (alleen in kinderwerktuin Beijum)
Doel: Kinderen krijgen inzicht in het leven van de honingbij en leren deze soort meer te waarderen.
Inhoud: In een bijenstal kunnen kinderen bijenvolken veilig en van dichtbij observeren. Dit is een feest voor de zintuigen: kinderen zien eitjes, larven en poppen, ruiken bijenwas, voelen de warmte in de kast, proeven de honing en horen het gezoem in open kasten. Ze zien het verschil in werksters, darren en de koningin.
Bijzonderheden: de les kan op dit moment alleen in de bijenstal van de Wiershoeck gegeven worden, naast de kinderwerktuin Beijum. Scholen buiten Beijum of Lewenborg kunnen de les eventueel combineren met een bezoek aan het bezoekerscentrum. De les kan een vervolg krijgen in 'sociale en solitaire bijen', waarbij ze meer inzicht krijgen in het leven van bijen en ze te leren onderscheiden van bijvoorbeeld wespen.
WEKELIJKS TUINIEREN 
Doel: kinderen beleven de seizoenen, maken het proces van zaaien en groeien mee, leren een groot aantal groenten kennen en ontdekken relaties tussen planten en hun omgeving (concurrerend onkruid, parasieten en beschermende lieveheersbeestjes).
Inhoud: tijdens wekelijkse bezoeken (12 keer) werken kinderen in hun eigen tuintje. Ze zaaien bloemen en groenten, verzorgen ze, volgen ze tijdens de groei en oogsten of knippen tenslotte het resultaat. De groeicyclus zit vol natuurlijke processen die kinderen vanzelf zullen ontdekken (afsterven van bloemen, verspreiding van zaad, etc.)
Bijzonderheden: de wekelijkse bezoekjes aan de tuin duren een uur. Ze worden begeleid door de educatief medewerker. Afhankelijk van de groepsgrootte is hulp van één tot drie ouders gewenst.
VLINDERS
Doel: Kinderen ontdekken hoe rupsen en vlinders leven en wat hun relatie is met planten.
Inhoud: Aan de hand van opdrachten met ontdekmaterialen ervaren kinderen de ontwikkeling van eitje tot vlinder en ontdekken ze verschil in voedsel. Ze zien verschillende vlinderlokkende bloemen en een of meerdere soorten vlinders.
Bijzonderheden: Als het weer slecht is kan de les worden aangepast en naar binnen worden verplaatst. In overleg kan de vlinderles worden vervangen door de slakkenles.
GRANENLES
Doel: De kinderen maken kennis met de inheemse granen tarwe, rogge, haver en gerst. Ze leren ze onderscheiden van exotische granen als gierst, maïs en rijst en leren hoe ze gebruikt worden.
Inhoud: De kinderen werken in groepjes aan verschillende opdrachten over o.a. het uiterlijk van verschillende granen, hun bouw en de verwerking tot diverse producten.
Bijzonderheden: De kinderen maken popcorn of bakken brood en/of pannenkoeken.
BLOEMBOUW EN BESTUIVING
Doel: Kinderen vergelijken verschillende bloemen, kunnen onderdelen benoemen (mannelijk, vrouwelijk, meeldraden, stampers, zaden) en ontdekken de relatie tussen bloemvorming en bestuiving. Ze leren welke insecten een rol spelen in de bevruchting en hoe dit gebeurt.
Inhoud: Na een thematische inleiding gaan de kinderen in groepjes de tuin in om bloemen te onderzoeken en te vergelijken. Ze bekijken insecten en hun gedrag en verwerken de resultaten.
Bijzonderheden: De les sluit goed aan op het wekelijks tuinieren en oogsten. Kinderen hebben zaden gezaaid, zien bloemen in hun tuintjes en vinden in de uitgebloeide bloemen dezelfde zaden terug. Bij slecht weer wordt de les aangepast.
SOCIALE -EN/OF SOLITAIRE BIJEN
Doel: Kinderen maken kennis met sociaal en solitair levende bijen, hun nestbouw, verschillende soorten en leefwijzen. Ze ervaren hun grote betekenis voor de natuur.
Inhoud: Kinderen maken opdrachten naar aanleiding van filmpjes over de honingbij, aardhommel en pluimvoetbij. Ook wordt het ‘gereedschap’ van de imker getoond.
Bijzonderheden: Er kunnen verschillen zijn per kinderwerktuin. Dit hangt samen met het al dan niet aanwezig zijn van een bijenstal.
LEVEN IN ZOET WATER
Doel: De kinderen ontdekken de leefgemeenschap in de sloot en op het wateroppervlak, leren welke dieren er permanent en tijdelijk leven en nemen kennis van hun verschillende manieren van ademhalen en voortbewegen.
Inhoud: Na een korte inleiding gaan de kinderen in groepjes waterdieren vangen met een visnetje. Met behulp van zoekkaarten kunnen de kinderen de dieren benoemen.
Bijzonderheden: Deze les kan ook in een sloot of vijver nabij school worden uitgevoerd.
Onderwaterpad
Doel: In dit unieke natuurpad, gemaakt in samenwerking met waterschap Noorderzijlvest en Vensterschool Hoornse Wijken, verkennen kinderen met duikbril, snorkel en flippers het onderwaterleven in de Hoornse Plas.
Inhoud: Aan een tachtig meter lang touw hangen opdrachtkaarten met beeldmateriaal onder water, die kinderen helpen bij het observeren van het onderwaterleven. Welke dieren en planten leven er op en onder het wateroppervlak? Hoe zit het met temperatuur, zuurstof, afval en vervuiling van het water? Een onderwaterlamp en -loep helpen hen bij hun ontdekkingstocht. Een fantastische en leerzame buitenactiviteit, die kinderen niet snel zullen vergeten.
Bijzonderheden: Denk aan handdoek, zwemkleding en zonnebrandcrème! De les is elk jaar twee weken beschikbaar. U krijgt bericht over de datum.
SLAKKEN
Doel: De kinderen komen in aanraking met levende slakken en ontdekken aspecten van hun leven. Ze leren gericht te kijken en om te gaan met kwetsbare dieren.
Inhoud: Na de inleiding krijgen kinderen een tas met een opdrachtboekje en lesmaterialen. Ze lopen in groepjes door de tuin en maken opdrachten over het uiterlijk van de slak, zijn verschijningsvormen, het voortbewegen en het voedsel.
Bijzonderheden: NDE ontwikkelt een lesset waardoor u in de les in uw eigen schoolomgeving uit kan voeren. Bij goed weer kan de vlinderles worden gegeven.
PADDENSTOELEN EN SCHIMMELS
Doel: Kinderen leren wat paddenstoelen zijn, hoe ze zich verspreiden, wat de functie van schimmels in verrottingsprocessen is en ontdekken hoe schimmels afwijken van groene planten. Ze kennen het nut en de schadelijke aspecten voor mens en natuur.
Inhoud: Een buitenexcursie wordt gecombineerd met aanvullende activiteiten binnen. Buiten gaan kinderen met zoekkaarten, spiegeltjes en loepen op zoek naar schimmels, paddenstoelen en rot hout. Hierbij maken ze gebruik van al hun zintuigen. Binnen wordt in groepjes met verschillende materialen verder gewerkt aan opdrachten.
Bijzonderheden: Bij slecht weer of gebrek aan paddenstoelen kan er binnen een circuit worden uitgezet.
KRINGLOPEN, COMPOST EN BODEMLEVEN
Doel: De kinderen maken kennis met een aantal in de bodem levende dieren. Ze leren dat sommige belangrijk zijn bij de vertering van dode delen uit de natuur en dat ook schimmels hierbij een rol spelen.
Inhoud: De kinderen gaan naar plekken in de tuin waar bijzondere milieus zijn ingericht, zoals een composthoop, boomstammentafel, steenmuur en puinplaats. De bodemdiertjes worden opgezocht, waarna ze met loepen en zoekkaarten worden bekeken en benoemd. De boomstammen worden onderzocht op schimmels.
LEES HET ETIKET EN PROEF HET VERSCHIL (KINDERWERKTUIN BEIJUM)
Doel: Kinderen leren informatie op etiketten van tussendoortjes en broodbeleg interpreteren. Ze kunnen een gezonde keuze maken tussen verschillende aangeboden alternatieven en deze beargumenteren.
Inhoud: Na een inleiding over het nut van bouwstoffen (verzadigde en onverzadigde vetten, eiwitten, koolhydraten en suikers) gaan de kinderen in groepjes aan de slag om verschillende artikelen met elkaar te vergelijken. Ze kunnen zelf bepalen wat het beste is voor hun gezondheid.
Bijzonderheden: In november en december kan de les gevolgd worden door een gezamenlijk bereide lunch, met o.a. producten van de kinderwerktuin. U kunt de lesset ook lenen voor gebruik op school (zie: lessets en uitleenmateriaal).
VOGELS IN DE WINTER
Doel: Kinderen leren hoe vogels overleven in de winter. Ze zijn zich bewust van de invloed van seizoenen op het leven van de dieren.
Inhoud: De inhoud en organisatie van deze les kan variëren, afhankelijk van locatie en weersomstandigheden. Het observeren van vogels op een voederplank of het zelf maken van voederhulpmiddelen zullen er waarschijnlijk onderdeel van uitmaken.
GROND EN BODEM
Doel: Kinderen krijgen inzicht in grond- en bodemvorming en zij leren grondsoorten uit eigen regio te kennen (klei, zand en veen). Ook (her)kennen ze tuingrond.
Inhoud: Na een inleiding gaan kinderen in groepjes met hulpmiddelen verschillende opdrachten doen om eigenschappen van grondsoorten te onderzoeken.
BRAAKBALLEN PEUTEREN, KINDERWERKTUIN HELPMAN
Doel: De kinderen leren dat uilen muizen en andere prooien eten. De niet-verteerbare delen worden weer uitgespuugd als braakballen.
Inhoud: Tijdens de inleiding wordt informatie gegeven over het leven van uilen. Door braakballen te pluizen ontdekken kinderen m.b.v. een zoekkaart wat voor soort muizen uilen eten. Met behulp van een menselijk skelet worden verschillen en overeenkomsten met muizenskeletten besproken.
Bijzonderheden: De braakballenles wordt stadsbreed aangeboden. We komen graag naar uw school toe. Neem hiervoor contact op met kinderwerktuin Helpman.
VERKENNING IN DUURZAAMHEID
Doel: Kinderen leren hoe belangrijk het is om zuinig te zijn met het milieu. Ze zien hoe je goed kunt wonen zonder het milieu te belasten. Het begrip ‘energie’ wordt concreet en tastbaar.
Inhoud: Na een inleiding ontdekken de kinderen in speurtochtvorm welke milieubewuste keuzes er zijn gemaakt in de duurzame nieuwbouw van kinderwerktuin Paddepoel. Ze maken kennis met tal van energiebesparende voorzieningen.
Bijzonderheden: Het nieuwe tuingebouw is een voorbeeldgebouw voor lessen over duurzaamheid en milieu. Het is gemaakt van herbruikbare materiaalsoorten, heeft een windmolen en zonnepanelen, een dak met vetplanten, is zuinig met water en heeft vele energiezuinige voorzieningen.
Dieren in de Winter (bezoekerscentrum)
DIEREN IN DE WINTER
In het bezoekerscentrum NDE kunnen kinderen van groep 4 t/m groep 6 de leuke ontdektocht ‘Dieren in de Winter’ volgen. Kinderen ervaren op welke manieren dieren de winter doorkomen. Ze bestuderen donsveertjes, bekijken waterslakken met een loep en voelen en raden de verborgen voorraad van de eekhoorn. Leerlingen noteren hun bevindingen in een klein miniboekje. De tocht is zelfstandig uit te voeren en duurt ongeveer een half uur à drie kwartier. Een leuk en leerzaam uitje voor de middenbouw!
Cora Konijn (kinderboerderijprogramma)
Doel: Kinderen maken kennis met de dieren van de kinderboerderij, hun uiterlijke kenmerken en overwinnen eventuele angst ze aan te raken
Inhoud: Cora Konijn is een belevenis voor kinderen vanaf 3 jaar en hun begeleiders. Het is een prachtig geïllustreerd prentenboekje over het konijn Cora, dat op een dag uit haar hok ontsnapt en op avontuur gaat. Haar tocht leidt langs allerlei dieren van de kinderboerderij. De belevenissen van Cora worden afgewisseld door opdrachten die de kinderen uitvoeren bij de dieren. Voorin staat een korte instructie voor de ouders/begeleiders. Cora Konijn kan ook door reguliere bezoekers op de kinderboerderij worden uitgevoerd, en is geschikt voor peuterscholen, kinderdagverblijven of naschoolse opvang.
Bijzonderheden: Zowel Cora Konijn (groep 1) als Bas Gans (zie: groep 2) zijn zelfstandig door de leerkracht en de begeleiders uit te voeren. Als u een combinatieklas (1-2) heeft, kunnen beide programma’s tegelijkertijd worden gebruikt. U kunt er natuurlijk ook voor kiezen één van de twee programma’s voor de hele klas te gebruiken. Cora Konijn kan worden uitgevoerd bij de kinderboerderijen Stadspark, het Boegbeeld, Beestenborg en dierenweide Eelderbaan (voor adressen: zie ‘Activiteiten en Projecten). Duur: ongeveer drie kwartier
Contactpersoon: Alie ten Seldam, 050 367 63 24, alie.ten.seldam@groningen.nl
Kinderboerderijprogramma Bas Gans
Doel: Kinderen ervaren hoe je dieren verzorgt, verantwoord met ze omgaat en overwinnen hun eventuele angst ze aan te raken
Inhoud: Bas Gans is een speelse ontdekkingstocht op de kinderboerderij voor groep 2 en 3, speciaal ontwikkeld om kinderen al op jonge leeftijd in aanraking te brengen met zorg voor natuur en milieu.
Uitgangspunt is het verhaal over Bas, een tamme gans op de kinderboerderij. Hij raakt bevriend met Mira, een wilde gans uit het hoge noorden. Samen beleven ze bijzondere avonturen. Bas Gans kan zelfstandig door de leerkracht op de kinderboerderij worden uitgevoerd.
Duur: voorbereiding in de klas: 1,5 uur. Bezoek kinderboerderij: een uur. Activiteiten na afloop: vrije keuze. Bas Gans kan uitgevoerd worden op de kinderboerderijen Stadspark, Het Boegbeeld, Beestenborg en dierenweide Eelderbaan. Meldt u uw bezoek van te voren even aan.
Contactpersoon: Alie ten Seldam, (050) 367 63 24, alie.ten.seldam@groningen.nl
Bijzonderheden: Het pakket bestaat uit een mapje met verhaal, voorbereiding en lessuggesties, een opdrachtenmap en een mapje verwerkingssuggesties. Alle basisscholen in Groningen hebben eind april 2010 een gratis exemplaar van Bas Gans ontvangen. Extra pakketten zijn voor €10 te bestellen bij NDE.
EGELLES
Doel: Kinderen leren allerlei aspecten over het leven van een
egel te leren kennen. Ze leren waarom hij een stekelvel heeft, wat hij eet en waarom hij een winterslaap houdt.
Inhoud: In het bezoekerscentrum verkennen kinderen met een kijk- en doewijzer het leven van de egel. Ze voelen hoe scherp zijn stekels zijn, welke gevaren er voor hem dreigen en wat je kunt doen om de egel te beschermen. Voor groep 3 zijn de kijkwijzers zo gemaakt dat er niets genoteerd hoeft te worden.
Duur: de les duurt met inleiding, circuit en nabespreking ongeveer een uur
RED DE BAT! 
In het kader van het ‘Jaar van de Vleermuizen’ heeft NDE de vleermuisles ‘Red de Bat!’ ontwikkeld die kinderen vanaf groep 5 kunnen volgen in het Bezoekerscentrum. Ze bekijken de anatomie van de vleermuis, experimenteren met echolocatie, onderzoeken het verschil tussen een vogel en een vleermuis en leren manieren kennen om de vleermuis te beschermen. De les duurt ongeveer een uur.
Na het volgen van de les ontvangt u lessuggesties en leuke werkbladen voor verwerking en verdieping.
SPEURDEUS
Met een kistje met materialen en een opdrachtenboekje gaan kinderen van groep 6 t/m groep 8 op onderzoek uit in het Bezoekerscentrum. De materialen in de speurdeus verwijzen naar objecten en dieren die hier staan. Er zijn in totaal 6 opdrachten. Onderwerpen die aan bod komen zijn: het skelet, snavels van vogels, kevers en torren, een zoekopdracht over verschillende dieren, uilen en een uilenpuzzel om uit te knippen en op te plakken. Er is een boekje met extra informatie en een antwoordkaart aanwezig.
De klas wordt opgevangen door een medewerker van NDE. Na een korte uitleg gaan de kinderen zelfstandig in groepjes aan de slag. Duur: ca 60 minuten.
HET GEHEIM VAN DE ONLANDEN
Onder de rook van Groningen wordt hard gewerkt aan een bijzonder moerasnatuurgebied, de Onlanden. Het laat sporen zien van een ingenieuze waterhuishouding en landschapsbeheer, uniek dierenleven en een bewonersgeschiedenis die teruggaat tot de prehistorie.
Kinderen stappen op de fiets met een rugzakje vol onderzoeksmaterialen, verrekijkers en zoekkaarten. Op strategische plekken in het landschap bevinden zich ingegraven boxen. Elke box onthult een verborgen geheim van de Onlanden. De kinderen kunnen de geheimen ontsluiten met de sleutel in hun rugzakje. Op school kan met behulp van de gevonden codes het slotgeheim gevonden worden. Scholen die dieper op de materie in willen gaan kunnen een verhalend ontwerp uitvoeren. Kinderen zullen zich hierbij erg betrokken voelen!
Bijzonderheden: Vanaf oktober 2011 ligt het startpunt van de tocht bij de Madijk, bij de wijk Ter Borch, vlak achter het Stadspark. U krijgt een week van te voren de handleiding toegestuurd. De rugzakjes met materialen kunt u ophalen en inleveren bij NDE. De tocht is gratis, maar bij verlies of beschadiging van materiaal worden er kosten in rekening gebracht.
GEITENLES
Doel: Kinderen krijgen inzicht in de relatie tussen mens en dier (huisdieren, domesticatie), in het bijzonder de relatie mens-geit ('koe van de armen')
Inhoud: kinderen ervaren hoe een geit leeft, proeven geitenmelk, kleuren een geitenkopje in en gaan naar buiten om echte geiten te verzorgen.

