De komende jaren moet de gemeente bezuinigen. Eén van de onderdelen waarop bezuinigd wordt is het onderhoud van openbaar groen. In sommige delen van de stad gaan we het groen minder intensief onderhouden. Die gebieden liggen zoveel mogelijk aan de rand van de stad. Zo willen we de overlast voor bewoners beperken.
Minder maaien, minder wieden
Een aantal gebieden maaien we niet meer. En op sommige plekken in de stad laten we in de plantvakken met heesters het onkruid staan. Dit doen we alleen bij hoge heesters, die niet door onkruid overgroeid raken. Voorbeelden van dit soort gebieden zijn het Albert Hahnpark in Hoogkerk en het Julianapark in de Wijert Zuid. Bepaalde gazons maaien we niet meer elke week, maar drie keer per jaar. Dat doen we op een manier waarbij het gras niet wordt afgesneden maar wordt afgeslagen. Dit geeft een ruiger beeld. Het maaisel wordt na het maaien niet afgevoerd maar blijft op het gras liggen. Daar wordt het compost.
Bermen
Op een aantal plaatsen maaien we de bermen één keer per jaar in plaats van twee keer. Ook zijn er bermen die we helemaal niet meer maaien, bijvoorbeeld langs sloten en watergangen. Veiligheid en goed zicht staat hierbij voorop: langs wegen, fietspaden en kruisingen blijven we de bermen tot een meter van de weg onderhouden. In onderstaand overzicht vindt u kaartjes met daarin de gebieden waar minder groenonderhoud wordt uitgevoerd.
De gekleurde blokjes geven het volgende aan:
- oranje: bermen niet meer maaien
- roze: van 2 x naar 1 x per jaar maaien
- bruin: 3 x per jaar gras snijden
- lichtgroen: gazon niet meer maaien
- donkergroen met rode cirkel: heestervakken niet meer wieden

