Gemeente heeft veel gedaan aan maatschappelijke ondersteuning Stadjers

U bent hier: Home B&W besluiten Gemeente heeft veel gedaan aan maatschappelijke ondersteuning Stadjers
Gemeente heeft veel gedaan aan maatschappelijke ondersteuning Stadjers
Document acties
Snel naar
 

Gemeente heeft veel gedaan aan maatschappelijke ondersteuning Stadjers

De gemeente Groningen heeft in de periode van 2008 tot nu jaarlijks zo’n 25 miljoen euro in maatschappelijke ondersteuning. Daarbij was het uitgangspunt dat iedereen kan meedoen in de maatschappij en dat mensen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen wonen en leven in hun eigen huis, wijk of buurt.

Veel maatregelen uit het ‘Meerjarenprogramma 2008-2010 Wmo’ zijn uitgevoerd zijn of in gang zijn gezet. Er is veel beleid opgesteld en initiatieven zijn gestart. De gemeente Groningen kan hierover zeer tevreden zijn, aldus het college van B&W.

In het ‘Meerjarenprogramma 2008-2010 Wet maatschappelijke ondersteuning’ heeft de gemeente Groningen in 2007 haar ambities met betrekking tot de Wmo vastgelegd. Aan de vooravond van het opstellen van een nieuw programma voor 2011-2014 heeft een evaluatie van de afgelopen periode plaatsgevonden. Het evaluatierapport met de titel “Iedereen doet mee!” is deze week vastgesteld door het college van B&W.

Het Wmo beleid in Groningen is vertaald in vier speerpunten waarop de afgelopen jaren veel ontwikkelingen in gang zijn gezet of uitgevoerd. In veel gevallen zijn inmiddels goede resultaten behaald.

1. Een leefbare en toegankelijke stad, zowel fysiek als sociaal.
Om zo lang mogelijk gezond en zelfredzaam te blijven is het belangrijk een woon- en leefomgeving te hebben waar bewoners zich prettig voelen en vertrouwen hebben in de buurt.
In een groot aantal wijken is hiervoor in de afgelopen periode de basis gelegd. Zorgaanbieders, corporaties, de gemeente en andere partijen die actief zijn in de wijken, overleggen regelmatig en nemen hun verantwoordelijkheid. Bewoners worden betrokken bij ontwikkelingen in hun wijk en worden uitgenodigd mee te doen. Dit heeft geleid tot meer reuring in de wijken en meer contacten tussen de verschillende partijen in de wijken en kwetsbare mensen.

 2. Ondersteun en versterk de civil society
Onder civil society verstaat men de sociale verbanden die mensen vrijwillig aangaan door bijvoorbeeld deel te nemen aan verenigingen en belangenorganisaties. Binnen het Wmo beleid heeft de gemeente zich hierbij vooral gericht op mantelzorgers. Voor deze groep is veel bereikt in de afgelopen periode. Er was sprake van een soort vliegwielwerking. Uit het ene initiatief ontstond weer een volgend initiatief.

3. Bevorder en houd toezicht op de kwaliteit van professionele ondersteuning
De gemeente is, als uitvoerder van de Wmo, verantwoordelijk voor het totale proces van de aanvraag van een voorziening tot de levering hiervan. Uiteraard leveren ook verschillende andere partijen, zoals zorgaanbieders en woningcorporaties hieraan bijdragen. In de afgelopen jaren is er hard gewerkt aan het verbeteren van de dienstverlening. Medewerkers zijn geschoold, procedures zijn verbeterd en er is veel aandacht besteed aan het Zorgloket en de bekendheid hiervan. 

4. Zorg voor voldoende en kwalitatief goede voorzieningen
In de afgelopen periode zijn verschillende pilots uitgevoerd, bijvoorbeeld in het openbaar vervoer, om de voorzieningen in de stad te verbeteren. Daarnaast wordt geprobeerd door preventief beleid het gebruik van individuele voorzieningen te verminderen. Voorbeelden hiervan zijn cursussen valpreventie voor ouderen, een rollatorspreekuur, voorlichtingsbijeenkomsten op diverse gebieden, maar ook het stimuleren van mensen met psychische problemen om meer te bewegen.
Daarnaast heeft de gemeente Groningen bij de start van de Wmo in 2007 de nadruk gelegd op een zo soepel mogelijke overgang van de Huishoudelijke Hulp naar de gemeente. In tegenstelling tot veel andere gemeenten in het land werd hierbij prioriteit gegeven aan kwaliteit boven prijs. Dat deze overgang in Groningen goed verlopen is blijkt uit diverse klanttevredenheidsonderzoeken. De continuïteit van de zorg is geborgd en het voorzieningen niveau is op peil gebleven en hier en daar zelfs verbeterd.

Voorbeelden
Vanaf de invoering van de Wmo per 1 januari 2007 tot nu zijn er in de stad Groningen vele initiatieven gerealiseerd. Zo zijn er onder andere meer bewoners betrokken bij wijkfestiviteiten en acties in de wijk, zoals Lentekriebels. Andere voorbeelden zijn het bezoekproject bij de Caspomoflats in Paddepoel en het initiatief voor het “Huis van de buurt” in De Wijert. Daarbij staat kennismaking tussen buurtbewoners en  mensen met een verstandelijke beperking centraal.

Er is ook geld vrij gemaakt voor (overbelaste) mantelzorgers. Het steunpunt Mantelzorg is opgericht. Voor allochtone burgers is voorlichting over mantelzorg gegeven in hun eigen taal.

Het zorgloket kreeg vorm en op verschillende plekken in de wijken zijn Steun- en Informatie Punten (STIPs) gerealiseerd. De doorverwijzing van burgers vanuit de STIPs naar bijvoorbeeld maatschappelijke en Juridische Dienstverlening (MJD) en Humanitas gaat nu beter.

Financiën
De gemeente Groningen heeft in de periode 2008-2010 jaarlijks in totaal zo rond de 25 miljoen euro geïnvesteerd in de maatschappelijke ondersteuning. Deze ondersteuning wordt gegeven aan mensen persoonlijk of aan initiatieven in de wijken. Uitgangspunten daarbij zijn dat iedereen kan meedoen in de maatschappij en dat mensen zolang mogelijk zelfstandig kunnen wonen en leven in hun eigen huis, wijk of buurt. Wat daar voor nodig is verschilt per persoon en vraagt om maatwerk.

Conclusie
Uit de evaluatie blijkt dat er de afgelopen jaren veel maatregelen uit het ‘Meerjarenprogramma 2008-2010 Wmo’ daadwerkelijk uitgevoerd zijn of in gang zijn gezet. Er is veel beleid opgesteld en initiatieven zijn gestart. De gemeente Groningen kan hierover zeer tevreden zijn. De komende periode is het van belang om de focus meer te leggen op een verdere implementatie hiervan en minder op de ontwikkeling van nieuw beleid.
Ook is gebleken dat de resultaten en de effecten van de initiatieven beter gevolgd kunnen worden. Een betere toetsing aan doelstellingen en visie is nodig. Voor het nog te ontwikkelen Wmo-programma 2011-2014 wordt dit als leerpunt meegenomen.

 


14-12-2010 00:00

'Iedereen doet mee!’ Evaluatie Meerjarenprogramma Wmo