De Stadjers die maatschappelijke ondersteuning ontvangen, geven daarvoor gemiddeld een dikke zeven. Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek naar de tevredenheid van Wmo-cliënten. De cijfers over 2009 zijn gelijk aan of iets hoger dan het landelijke gemiddelde en de resultaten uit 2008.
Het gaat om voorzieningen in het kader van de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zoals rolstoelen, deeltaxi en hulp in de huishouding. Voorzieningen die hen in staat stellen om zelfstandig te blijven wonen en deel te nemen aan de maatschappij.
Tijd
Het gemiddelde rapportcijfer voor de aanvraagprocedure is een 7,4. Dat cijfer gaven de cliënten in 2008 ook. Het meest tevreden zijn ze over de tijd die medewerkers nemen bij het indienen van de aanvraag. Het minst tevreden zijn ze over de wachttijd tussen de aanvraag en het verkrijgen van de hulp.
Hulp in de huishouding
Voor de hulp bij het huishouden gaven de cliënten gemiddeld een 7,7. De telefonische bereikbaarheid en de organisatie rondom de hulp kregen de hoogste cijfers. Minder tevreden zijn de Stadjers over de wisselingen van medewerkers. De eisen daarover aan zorgaanbieders zijn inmiddels aangescherpt.
Deeltaxi
Het gemiddelde cijfer voor voorzieningen, zoals scootmobielen, rolstoelen en woonvoorzieningen, is een 7,4. Het collectief vervoer – de deeltaxi – werd gewaardeerd met een 7,3. De respondenten toonden zich het meest tevreden over de prijs per rit, en het minst over de wachttijden.
Voor het tevredenheidsonderzoek zijn 1.052 cliënten in Stad benaderd. Van hen vulden 510 mensen de vragenlijst in; dat is 48 procent.

